In deze solo-aflevering neemt Suze MacLaine Pont je mee in een vraag die haar al weken bezighoudt — eigenlijk al haar hele leven. Wat doen we hier in vredesnaam?

Haar vader heeft dementie. Haar ouders verhuizen van het huis waar ze dertig jaar woonden naar een klein appartement. Haar kinderen gaan de wereld in. En ergens in die verhuisdozen staat de caravan die haar opa in 1978 nieuw kocht — de plek waar zij als kind vakantie vierde, waar ze haar opa nog voelt, en die haar kinderen straks niks meer zegt.

Die caravan is meer dan een caravan. Hij is een vraag: wat geven we door? Wat blijft er over van wie we zijn, van wat we bouwen, van hoe we proberen te leven?

Als therapeut en opleider ziet Suze hoe snel hulpverleners — en mensen in het algemeen — schieten in het oplossen, redden, structureren. Maar wie zegt dat onze diagnose van iemands worsteling klopt? Wie zegt dat iemand beter af is als het probleem verdwenen is?

Ze haalt het raamwerk aan uit haar werk: de overlevingsdraad versus de goddelijke draad. Het verschil tussen leven vanuit overleven en leven vanuit roeping. En ze stelt de vraag die ze haar studenten, haar cliënten en zichzelf stelt: als hulpverlener — hoe stevig is jouw eigen lijntje?

Thema’s in deze aflevering:

— Wat betekent het om iets door te geven — en wat kun je niet doorgeven?

— De valkuil van de hulpverlener die zijn zin haalt uit het redden van de ander

— Roeping versus prestatie: het verschil tussen er zijn en iets willen bereiken

— Het beloofde land als onderweg-zijn, niet als bestemming

— Hoe ziet je dagelijks leven eruit als een gebed, niet als een takenlijst?

De caravan van mijn opa staat al 46 jaar in mijn leven.

Hij kocht hem nieuw in 1978 — ik was vier. We gingen er samen op vakantie, hij en mijn oma en ik, jaar na jaar, totdat zij er niet meer waren. Daarna nam ik hem over. Niet omdat ik zo graag kampeer. Maar omdat ik bij mijn opa ben als ik naar die caravan kijk.

Vorige week hielp ik mijn ouders verhuizen. Mijn vader heeft dementie. Mijn moeder neemt afscheid van een leven dat in dozen past en in een kleiner appartement een nieuwe vorm moet krijgen. Mijn kinderen gaan de wereld in. En ik stond midden in een garage vol herinneringen en dacht: waar gaat dit allemaal heen?

Niet als een dramatische vraag. Meer als een eerlijke.

Want mijn kinderen willen die caravan straks niet. Niet écht. Ze hebben er herinneringen aan — met mij, niet met mijn opa. Zijn verhaal stopt bij mij. En mijn verhaal stopt ergens bij hen. En dan?

Dan? is de vraag die ik in deze aflevering niet oplos. Maar wel aankijk.

Als therapeut en opleider merk ik hoe snel we — ik ook — schieten in het structureren, oplossen, doorgeven. Kennisbanken aanleggen. Processen vastleggen. Cliënten beter maken. Studenten opleiden. Alsof er ergens een moment komt waarop het genoeg is.

Maar wie zegt dat wij weten wat genoeg is? Wie zegt dat de worsteling waar iemand mee zit, opgelost moet worden? Soms is de worsteling het werk. Soms is er in het vastzitten precies het lijntje terug naar wie je werkelijk bent.

Dit is de vraag die ik mezelf steeds opnieuw moet stellen als hulpverlener: haal ik mijn zin uit het begeleiden — of uit het redden? Want als mijn gevoel van roeping afhangt van of de ander gered wordt, dan maak ik de ander verantwoordelijk voor mijn eigen lijntje. En dat klopt niet.

De caravan van mijn opa herinnert me eraan dat het niet gaat om vasthouden. Het gaat om aanwezig zijn. Om zo volledig mogelijk te leven vanuit wie je bedoeld bent — niet omdat je daarmee iets voor de eeuwigheid veiligstelt, maar omdat het de enige manier is om echt bij te dragen.

Het beloofde land is niet de bestemming. Het is de richting.

En onderweg mogen we gezellig in een oude caravan slapen.

Luister naar aflevering 15 via je favoriete podcastapp, of hier, op suzemaclainepont.nl.